Twintig jaar SMPE/e
In januari 2026 bestaat de School of Medical Physics and Engineering Eindhoven (SMPE/e) twintig jaar. Wat begon als een vernieuwend idee om technologie en zorg dichter bij elkaar te brengen, is uitgegroeid tot een hechte community van professionals, trainees en partners die zich dagelijks inzetten voor het opleiden van technologen die bijdragen aan betere en duurzame zorg. Dit jubileum biedt een kans om twee decennia pionieren te vieren én vooruit te kijken naar de plannen en samenwerkingen die SMPE/e voorbereiden op de toekomst.
SMPE/e werd in januari 2006 opgericht door prof. Herman Beijerinck (APSE) en prof. Frans van de Vosse (BmE), vanuit de overtuiging dat technologische innovatie in de zorg alleen duurzaam kan worden geïmplementeerd wanneer ingenieurs, naast zorgverleners, diep geworteld zijn in de klinische praktijk. Waar academisch onderwijs vaak vooruitkijkt naar wat technologisch mogelijk is, zag Van de Vosse juist de vraag: wat kunnen we nú voor de patiënt betekenen?
Die visie leidde in hetzelfde jaar tot de start van een volledig nieuwe post-masteropleiding: Qualified Medical Engineer (QME). In de beginjaren was dit een pionierend traject, zonder formele status als ontwerpersopleiding en met complexe financiering. Opleidingsplekken liepen vaak parallel aan promotietrajecten, maar de betrokkenheid van zorginstellingen was cruciaal. De behoefte bleek groot: zorginstellingen waren op zoek naar ingenieurs die niet alleen technologie begrepen, maar ook inzicht hadden in processen, besluitvorming en de dagelijkse praktijk in de kliniek.
In juni 2008 ontvingen de eerste deelnemers hun QME-certificaat. Sinds 2012 is QME een gecertificeerde ontwerpersopleiding (EngD) van de faculteit Biomedical Engineering, wat de opleiding verder verstevigde en structurele groei mogelijk maakte.
Van pionier tot verbinder in de zorg
Als één van de eerste afgestudeerden van de master Medical Engineering stond Marcel van ’t Veer in 2004 aan de wieg van een nieuwe generatie ingenieurs in de zorg. Zijn fascinatie voor de rol van technologie in de klinische praktijk bracht hem al snel naar het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven, waar hij promoveerde op hemodynamische metingen bij hart- en vaatziekten. In zijn promotieonderzoek stond één vraag centraal: wat is de toegevoegde waarde van de medisch ingenieur in een groot, niet-academisch ziekenhuis?
Parallel aan zijn promotietraject volgde Van ‘t Veer het toen net opgestarte post-masterprogramma Qualified Medical Engineer (QME). Die combinatie van onderzoek en ontwerpopleiding bleek bepalend voor zijn loopbaan. Na het afronden van zijn PhD en QME ontwikkelde hij zich tot een vaste schakel tussen ziekenhuis, universiteit en industrie. In die rol werkte hij aan tal van innovatieve projecten en samenwerkingen, waarbij hij steeds opereerde op het snijvlak van kliniek, technologie en onderzoek.
In de jaren die volgden verschoof zijn focus van zelf onderzoek doen naar het begeleiden en mogelijk maken van onderzoek. Als Science Coordinator bij het Catharina Ziekenhuis ondersteunt hij onderzoekers bij alles wat komt kijken bij wetenschappelijk onderzoek: van studieopzet en statistiek tot data-infrastructuur en (internationale) klinische trials. Daarnaast begeleidde hij promovendi met zowel een medische als een technische achtergrond en bood hij vele studenten de kans om hun eerste stappen in de klinische praktijk te zetten. Van ’t Veer is inmiddels ook een zeer ervaren begeleider van QME-trainees.
Terugkijkend ziet Van ‘t Veer zijn loopbaan als een logisch gevolg van de visie achter Medical Engineering en QME: ingenieurs opleiden die niet naast, maar midden ín de zorg staan. Die verbindende rol, zo laat zijn verhaal zien, is vandaag de dag misschien wel relevanter dan ooit.
Op de foto rechts: Marcel, na het behalen van zijn masterdiploma ME in 2004. Foto: Bart van Overbeeke.
Van Medical Engineering naar QME
SMPE/e is nauw verbonden met de faculteit Biomedical Engineering (BmE), waar de Master Medical Engineering (ME) één van de twee masteropleidingen is die studenten voorbereidt op een carrière in medische technologie. De master biedt een stevig academisch fundament en vormt voor veel studenten tevens de eerste stap richting de post-masteropleiding Qualified Medical Engineer (QME).
Binnen ME maken studenten al vroeg kennis met de klinische praktijk, onder andere via klinische modules en langdurige stages in ziekenhuizen zoals Maastricht UMC+.
Ze leren niet alleen hoe technologie wordt toegepast, maar vooral hoe medische besluitvorming tot stand komt. Zo ervaren ze de dynamiek van de zorg, de impact op patiënten en het omgaan met onzekerheid, tijdsdruk en ethische afwegingen. Daarbij wordt duidelijk dat technologische innovatie nooit het welzijn van de patiënt mag overschaduwen.
Deze praktijkgerichte benadering vormt de voedingsbodem voor QME, waar studenten hun kennis verder verdiepen in het ontwerpen, analyseren en implementeren van technologische oplossingen in de zorg. Zo ontstaat een heldere en logische leerlijn: ME als academische basis en kennismaking met de kliniek, gevolgd door QME als verdiepende stap waarin ontwerp, praktijk en professionele rol samenkomen.
QME: ontwerpen en implementeren in de klinische praktijk
De QME-opleiding onderscheidt zich door haar sterke verankering in de klinische praktijk. Trainees werken twee jaar lang aan concrete projecten binnen zorginstellingen en zijn gedurende die periode ook formeel aangesteld bij de zorginstelling, soms ook bij een bedrijf of onderzoeksgroep. Ze opereren op het snijvlak van technologie, zorgprocessen en organisatie en brengen een expliciete engineering mindset mee naar de kliniek.
Volgens medeoprichter Frans van de Vosse is het unieke karakter van QME juist gelegen in het samenbrengen van twee werelden. Waar artsen hun beslissingen traditioneel baseren op ervaring, kennis en data uit het verleden, zijn ingenieurs opgeleid om met behulp van computermodellen vooruit te kijken en toekomstige scenario’s te voorspellen. Medical Engineers verenigen deze twee benaderingen. Qualified Medical Engineers brengen die combinatie vervolgens daadwerkelijk in de praktijk, door technologische innovaties samen met zorgprofessionals te introduceren en effectief te implementeren.
QME’ers werken nauw samen met clinici en andere zorgprofessionals en dragen bij aan innovatie op de werkvloer. Hun rol is die van inhoudelijke partner die technologie inzet om processen te verbeteren, besluitvorming te ondersteunen en de zorg beter af te stemmen op zowel patiënt als zorgverlener.
Dat deze aanpak werkt, blijkt uit de loopbanen van alumni. Zij vervullen vandaag de dag sleutelposities in zorginstellingen, onderzoeksinstellingen en bedrijven en fungeren vaak als verbindende schakel tussen disciplines.
QME in de praktijk: succesverhalen
Een treffend voorbeeld van de impact van de QME-opleiding is het werk van Melissa van der Sande-Niemantsverdriet. Tijdens haar QME-traject werkte zij binnen het Catharina Ziekenhuis aan het ontwikkelen en implementeren van een klinische dataworkflow voor het COMBAT-VT-project. Dit project is een samenwerking tussen het Catharina Ziekenhuis, de ϸ en Philips, en is gericht op het beter voorspellen van hartritmestoornissen na een hartinfarct.
De rol van Niemantsverdriet bestond uit het verzamelen, structureren en analyseren van patiëntdata, zodat ϸ-onderzoekers deze konden gebruiken om wiskundige modellen te bouwen. Deze modellen ondersteunen artsen bij het vroegtijdig identificeren van risicopatiënten. Zij beschrijft hoe zij tijdens haar opleiding inzag waar in de praktijk de grootste behoefte ligt, en hoe de combinatie van technische expertise en klinische samenwerking haar in staat stelde om echte impact te maken in de zorg.
Na het afronden van haar QME-traject zet Niemantsverdriet haar ervaring momenteel in als Qualified Medical Engineer bij ziekenhuis Bernhoven, binnen het domein beeldmanagement (apparatuur, ICT-infrastructuur, opslag en software). Hier komt haar opgedane kennis over databeschikbaarheid en samenwerking tussen disciplines nog dagelijks van pas.
Lees het verslag van het project Catharina Ziekenhuis en ϸ geven meer inzicht in hartritmestoornissen voor een dieper beeld van haar werk.
Op de foto rechts: Melissa Niemantsverdriet, Lukas Dekker en Frans van de Vosse (van links naar rechts). Foto: Jarno Verhoef/Catharina Ziekenhuis
Qualified Medical Engineers verbinden medische besluitvorming met voorspellende technologie, en maken die combinatie toepasbaar in de zorgpraktijk.
Frans van de Vosse, directeur SMPE/e
QME in de praktijk: van ontwerp tot klinische impact
Ook Ellen Nijssen laat zien hoe de QME-opleiding leidt tot directe klinische meerwaarde. Tijdens haar QME-ontwerpproject in het Catharina Ziekenhuis werkte zij aan een model dat cardiologen realtime kan ondersteunen bij de beslissing om wel of geen stent te plaatsen. Nijssen ontwikkelde een snel 1D-computermodel dat op basis van standaard angiogrammen de Fractional Flow Reserve (FFR) kan berekenen, zonder extra invasieve metingen of aanvullende CT-scans.
Het model combineert technische modellering met klinische toepasbaarheid en werd gevalideerd met patiëntdata uit de dagelijkse praktijk. Daarmee illustreert haar project precies de rol van de QME’er: technologie ontwikkelen die direct aansluit bij klinische besluitvorming en werkprocessen. Na haar QME-traject groeide Nijssen door tot QME’er binnen ziekenhuis Bernhoven (net als Melissa Van der Sande-Niemantsverdriet), waar zij verantwoordelijk is voor de aanschaf en veilige inzet van medische technologie.
Lees de projectomschrijving van Ellen Nijssen over het QME-ontwerpproject ‘Wel of niet een stent plaatsen: direct berekenen of het nodig is!’:
Op de foto links zie je Ellen Nijssen tijdens haar werk in het Catharina Ziekenhuis. Foto: Bart van Overbeeke.
Clinical Informatics: digitalisering met visie
Onder de vlag van SMPE/e startte in 2010 ook de post-masteropleiding Clinical Informatics (CI). Deze opleiding speelt vanaf die start in op de snel voortschrijdende digitalisering in de zorg en de groeiende behoefte aan professionals die informatiestromen binnen ziekenhuizen kunnen overzien en sturen.
Door de jaren heen is de opleiding meegeëvolueerd met de ontwikkelingen in de zorg. Hoewel ziekenhuizen onze belangrijkste afnemers blijven, richt de opleiding zich daarnaast steeds meer op transmurale en preventieve zorg en op andere domeinen zoals de geestelijke gezondheidszorg.
De klinisch informaticus bouwt bruggen tussen zorgpraktijk, management en ICT en draagt bij aan strategische besluitvorming, rekening houdend met de kaders van het Nederlandse zorgsysteem. Sinds 2023 is CI een gecertificeerde EngD-opleiding binnen de faculteit Industrial Engineering and Innovation Sciences (IE&IS), waarmee ook dit programma stevig is gepositioneerd voor de toekomst. Deze faculteit levert vanuit de ϸ immers al sinds de start in 2010 het merendeel van de docenten en wetenschappelijke begeleiders en draagt actief bij aan een nog sterkere strategische focus op het thema Health.
Pieter Van Gorp, wetenschappelijk directeur van de EngD-opleiding Clinical Informatics aan de ϸ: “Het profiel van klinisch informatici sluit perfect aan bij de bachelor- en masteropleidingen van IE&IS. Denk hierbij aan docenten en onderzoekers met expertise in het optimaliseren van menselijk potentieel in complexe organisaties, schaalbare gedragsverandering voor gezondheidspromotie, het herontwerp van zorgprocessen en architectuur, de vertaling van strategie naar operationele processen, innovatiemanagement in de zorg, beslissingsondersteuning, de inzet van voorspellingsmodellen in een bedrijfskundige context, robotica in de zorg en de bedrijfskundige inzet van diverse vormen van AI.”
Clinical Informatics in de praktijk: AI, implementatie en zorgprocessen
Een goed voorbeeld van de impact van de post-masteropleiding Clinical Informatics is Sade Krijgsman-Faneyte, die haar traject combineerde met een focus op de verantwoorde inzet van kunstmatige intelligentie (AI) in de klinische praktijk. Tijdens haar EngD-project werkte Faneyte in het Maasstad Ziekenhuis, waar zij oplossingen mocht ontwerpen voor de uitdagingen rond de implementatie van AI-software als medisch hulpmiddel. Haar werk resulteerde in het stappenplan Healthy AI, een praktisch kader om de kwaliteit, veiligheid en effectiviteit van AI-toepassingen in de zorg te beoordelen en te begeleiden.
In dit project liet Faneyte onder andere zien dat technologie niet op zichzelf staat, maar moet passen binnen het zorgproces en een daadwerkelijk probleem moet oplossen. Centraal stond de “life cycle” van medische AI-software zodat klinische besluitvorming met AI daadwerkelijk in de praktijk kon worden gebracht. Door AI‑software zorgvuldig te introduceren en multidisciplinaire teams actief te betrekken, richt haar aanpak zich op het bevorderen van verantwoord gebruik en adoptie van AI door zorgverleners.
Na haar opleiding werkt Faneyte verder aan de digitale transformatie met AI binnen het Maasstad Ziekenhuis en is zij als bestuurslid toegetreden in de Nederlandse Vereniging voor Klinische Informatica (NVKI). Ook combineert zij haar baan in het ziekenhuis met haar werk als Senior Artificial Intelligence Consultant bij Romion Health.
Lees meer over haar werk en de rol van klinisch informatici/clinical informaticians op het snijvlak van technologie en zorg in dit artikel.
Foto links: Sade Faneyte ontvangt in 2022 het honderdste diploma van de post-masteropleiding Klinische Informatica. Foto: Angeline Swinkels.
Klinisch informatici verbinden zorg, technologie en organisatie op een manier die perfect aansluit bij IE&IS.
Pieter Van Gorp, wetenschappelijk directeur Clinical Informatics
Het team achter SMPE/e
SMPE/e is meer dan een opleidingsinstituut; het is een community van gepassioneerde professionals. Het kernteam wordt gevormd door Frans van de Vosse (QME), Ivonne Lammerts (QME) en Pieter Van Gorp (CI). Al jarenlang zetten zij zich dag en nacht met hart en ziel in voor continuïteit, kwaliteit en vernieuwing in onderwijs en onderzoek, steeds met oog voor de mensen achter de opleidingen.
Daarnaast wordt de dagelijkse organisatie ondersteund door een betrokken coördinatieteam, bestaande uit Annebee Langenhuizen (SMPE/e), Katharina Tietze (CI) en Roanne Wijnen (QME). Vanuit hun coördinerende rollen zorgen zij voor samenhang, structuur en continuïteit binnen SMPE/e. Hun inzet gebeurt vaak achter de schermen, maar vormt een essentiële basis voor het succes van de school.
Rondom dit kernteam staat een vaste groep inhoudelijk sterk betrokken docenten en begeleiders, vaak al langdurig verbonden aan SMPE/e. Hun ervaring uit academie, zorg en industrie zorgt voor zowel vertrouwen als inhoudelijke diepgang.
Samen vormen zij een hecht geheel waarin visie, vakinhoud en organisatie elkaar versterken, en waarin zowel de professionele ontwikkeling van trainees als het postmasteronderwijs voor externe professionals centraal staat.
Vooruitkijken: samen opleiden, samen groeien
Met dit sterke fundament kijkt SMPE/e niet alleen met trots terug, maar vooral ook vooruit. De zorg staat voor grote uitdagingen: personeelstekorten, bezuinigingen, toenemende complexiteit en een groeiende rol voor technologie en data. Juist in die context is de behoefte groot aan professionals die de kloof kunnen overbruggen tussen technologie, klinische praktijk en organisatorische processen, en die ervoor zorgen dat innovaties daadwerkelijk effectieve impact hebben voor patiënten.
Frans van de Vosse ziet deze ontwikkelingen dagelijks terug in de praktijk en benadrukt dat dit directe consequenties heeft voor de opleiding van toekomstige ingenieurs:
“De zorg staat onder toenemende druk door een groeiende zorgvraag, personeelstekorten en snelle veranderingen. Zorg verschuift steeds meer richting thuiszorg, preventie en samenwerking over domeinen heen, terwijl tegelijkertijd complexere technologieën en digitale systemen moeten worden geïntegreerd. SMPE/e moet haar EngD-opleidingen daarom voortdurend blijven doorontwikkelen, om ingenieurs op te leiden die deze medische innovaties in alle zorgdomeinen effectief kunnen implementeren.”
Die voortdurende beweging vraagt om opleidingen die daadwerkelijk meebewegen met de zorgpraktijk. SMPE/e ziet het dan ook als haar opdracht om, samen met zorginstellingen, industrie en alumni, te blijven investeren in toekomstbestendige EngD-programma’s, waarin technologische vernieuwing hand in hand gaat met implementatiekracht.
Die ambitie krijgt ook concreet vorm in de komende jaren. Het SMPE/e event op 19 juni 2026 markeert daarom niet alleen een jubileum, maar is vooral bedoeld als netwerkbijeenkomst waarin vooruitgekeken wordt naar nieuwe samenwerkingen, projecten en opleidingsvormen. Tijdens het event worden succesvolle projecten gedeeld en krijgen de aanwezigen een eerste blik op de ontwikkelingen in de gezondheidszorg en op de plannen waarmee SMPE/e haar rol ook in de toekomst blijft vervullen.
Twintig jaar SMPE/e laat zien dat duurzame innovatie begint bij samen leren, en zich vervolgens ontwikkelt via samen opleiden, samen werken en samen groeien. Technologie is bij SMPE/e altijd een middel, nooit een doel, met als leidraad het welzijn van zowel patiënten als zorgverleners.
Media contact
Nieuws