‘Eén gezamenlijke aanpak maakt het verschil in de zoektocht naar talent’
Dit is het derde verhaal in een serie over hoe we aan de ϸ werken aan het Beethovenprogramma. De opdracht van Niels Deen en Josje van Oudenaarden is om extra wetenschappelijk talent te werven voor Mechanical Engineering.
Met de geplande groei van het aantal masterstudenten - van 180 naar 350 in vijf jaar - heeft Mechanical Engineering meer wetenschappelijk personeel nodig om die studenten op te leiden. Niels Deen en Josje van Oudenaarden hebben samen een broad hire-campagne opgezet voor het aantrekken van acht nieuwe universitair docenten. Die leverde 1.200 sollicitaties op.
De faculteit Mechanical Engineering (ME) is één van de vier ‘Beethoven groeifaculteiten’. Naast ME zijn dat Applied Physics and Science Education, Electrical Engineering en Mathematics & Computer Science.
Acht vacatures
“Als je het aantal masterstudenten bijna wilt verdubbelen, heb je extra mensen nodig”, zegt Niels Deen, hoogleraar en vicedecaan van ME. “Met meer studenten moet je ook meer capaciteit hebben, zeker als je persoonlijke aandacht hoog in het vaandel wilt houden.”
Elke sectie heeft gekeken: wat missen we in onze expertise, en waar willen we uitbreiden? Dat leidde tot acht vacatures, een in elke sectie van de faculteit.
Eén campagne in plaats van losse vacatures
In plaats van acht losse wervingsprocedures, koos ME voor een gezamenlijke aanpak: een broad hire. “Het idee achter een broad hire is dat je het groter en zichtbaarder maakt”, zegt Josje van Oudenaarden, die vanuit het Talent Attraction-team van HRM het proces begeleidde. “Je bundelt vacatures en communicatie. In plaats van losse advertenties zetten we één campagne neer, waarmee we internationaal laten zien: wij zijn op zoek naar talent.”
We hebben één campagne neergezet voor alle vacatures tegelijk om internationaal te laten zien: wij zijn op zoek naar talent.
Recruiter Josje van Oudenaarden
“Dat vraagt om nauwe afstemming over planning, deadlines en selectie. Tegelijkertijd hebben wij gezorgd dat alles extern goed zichtbaar werd: via social media, de juiste academische vacatureplatforms en een centrale landingspagina waar alle vacatures en informatie samenkomen.”
Voor Deen was het doel helder: “Zoveel mogelijk aandacht genereren. Zodat mensen die hierop aanslaan, ook echt solliciteren.” Dat lukte. In totaal kwamen er zo’n 1.200 sollicitaties binnen op de 8 posities.
Intensief selectieproces
Na de wervingsfase begint een intensief selectieproces. Kandidaten leveren een cv aan, een motivatiebrief, een research statement en een teaching statement. “We vragen best veel”, zegt Deen, “maar het gaat ook om posities voor de lange termijn.”
Na een voorselectie volgen online gesprekken. Uiteindelijk worden per positie een paar mensen uitgenodigd voor een live gesprek op onze campus. “Dat bezoek is heel belangrijk voor beide kanten”, zegt Deen. “We zoeken niet alleen een goede kandidaat voor ons. We moeten ook laten zien dat wij een goede plek zijn voor die kandidaat. We laten ze het lab zien waarin ze gaan werken, en geven ze een tour over onze campus.”
“Kandidaten uit het buitenland hebben vaak geen goed beeld van hoe het is om hier te werken. Wij werken heel sterk in teamverband”, zegt Deen. “De individuele onderzoeker is belangrijk, maar het team ook. Dat past niet bij iedereen. Dat moet je ervaren en dat kan pas echt als je op bezoek komt.”
Begeleiding in elke stap
Vanuit HR wordt het proces nauw begeleid. Josje van Oudenaarden is betrokken bij de selectiegesprekken en onderhoudt contact met kandidaten.
“Als na het gesprek duidelijk is dat deze persoon het gaat worden, helpen we hem of haar met de voorbereiding voor bijvoorbeeld de benoemingsadviescommissie (BAC, red.). Een sollicitatiegesprek met twee personen is heel wat anders dan jezelf moeten presenteren voor een commissie van tien in een BAC.”
Kinderopvang
Tijdens het bezoek is er ook aandacht voor praktische vragen. “We kijken of iemand behoefte heeft aan een campustour, of vragen heeft over verhuizen naar Nederland”, zegt Van Oudenaarden. “Denk aan huisvesting, scholen, kinderopvang. Dat zijn belangrijke factoren in de beslissing.”
Daarbij wordt ook het bredere ondersteuningsaanbod toegelicht, zoals hulp bij immigratieprocedures en praktische zaken na aanname. “Het helpt als kandidaten daar al vroeg over kunnen nadenken.”
Internationale competitie
De zoektocht naar talent speelt zich nadrukkelijk internationaal af. Kandidaten komen uit Europa, de Verenigde Staten, Canada en daarbuiten. “Je opereert in een internationale markt, waarbinnen goede kandidaten vaak meerdere opties hebben”, zegt Deen.
Dat betekent dat niet elke procedure eindigt in een aanstelling. “Van de acht posities die we wilden invullen, hebben we er tot nu toe vier succesvol ingevuld”, zegt hij. “Maar er zijn ook kandidaten geweest die een aanbod kregen en toch voor een andere universiteit kozen. Dat hoort erbij.”
Verhuizen speelt mee
Volgens Deen speelt meer dan alleen de inhoud van het werk een rol. “Mensen moeten ook een grote stap maken. Verhuizen naar een ander land, een nieuw systeem, soms met een gezin. Dat weegt mee.”
Deen weet uit ervaring hoe het is om met je hele gezin te verhuizen voor je carrière. In 2010 verkaste hij met zijn onderzoeksgroep van de Universiteit Twente naar de ϸ. Zijn vrouw en kinderen van 2 en 5 jaar kwamen mee naar Brabant.
“Onze kinderen waren nog jong, dat maakte het makkelijker. Ik kan me wel inleven in hoe het is om alles op te pakken en ergens anders opnieuw te beginnen. Al is verhuizen naar het buitenland wel wat anders: je moet een BSN-nummer aanvragen, een bankrekening openen, een huis en school voor de kinderen zoeken, je partner moet een baan vinden.”
Het Staff Immigration Team helpt
Het Staff Immigration Team van HRM helpt daarbij, vult Van Oudenaarden aan. “Zo gauw als de aanstelling rond is, helpt dat team onder andere bij het aanvragen van een reisvisum, een verblijfsvergunning en de formaliteiten na aankomst, zoals het inschrijven bij de gemeente. Huisvesting kunnen we niet voor ze regelen, we kunnen ze wel verwijzen naar betrouwbare externe verhuurders.”
Van Oudenaarden: “De startdatum van een nieuwe wetenschappelijke positie ligt vaak wat verder in de toekomst. De meesten maken het academisch jaar eerst af aan hun huidige universiteit. Dat geeft voldoende tijd om je voor te bereiden.”
Samen zoeken naar de beste plek
Een voordeel van de gezamenlijke aanpak is dat er ruimte is om breder te kijken naar de mogelijke match. Deen: “Als iemand beter past bij een andere sectie, bespreken we dat met elkaar.”
Soms solliciteren kandidaten op meerdere posities. Dan kijken we samen waar iemand het beste tot zijn recht komt.
Recruiter Josje van Oudenaarden
Van Oudenaarden ziet hetzelfde. “Sommige kandidaten solliciteren op meerdere posities. Dan kijken we samen waar iemand het beste tot zijn recht komt.” Dat maakt het proces volgens hen niet alleen efficiënter, maar ook zorgvuldiger.
Investeren in de lange termijn
Het vinden van de juiste nieuwe collega op de juiste plek is een precies en geduldig proces. Gemiddeld loopt zo’n sollicitatieprocedure zes maanden. “Het gaat vaak om kandidaten uit het buitenland en het is een heel stevig proces.”
Voor Mechanical Engineering is dat het waard. De focus ligt nadrukkelijk op duurzame aanstellingen. “De intentie is om mensen voor de lange termijn aan te nemen”, zegt Deen. “Als het goed gaat, groeien ze door en blijven ze.”
We spelen wereldwijd mee in de Champions League, maar sommige universiteiten trekken toch harder, zoals MIT. Daar kun je weinig aan doen.
Hoogleraar Niels Deen
Van de acht posities die ze in de broad hire hebben uitgezet, zijn er nu vier ingevuld. “Bij drie vacatures hadden we heel goede kandidaten die we een aanbod hebben gedaan, maar ze zijn uiteindelijk afgehaakt”, vertelt Deen.
“Het gaat hier om wetenschappelijke toppers die ook in beeld zijn bij andere universiteiten en instituten. We doen er alles aan om ze hier naartoe te krijgen. We spelen wereldwijd mee in de Champions League, maar sommige universiteiten trekken toch harder, zoals MIT. Daar kun je weinig aan doen.”
Trots op nieuwe collega’s
Deen is content met hoe de broad hire-campagne is verlopen voor zijn faculteit. “Er gaat stiekem veel tijd in zitten, maar ik ben echt trots op de vier nieuwe collega’s die we nu hebben aangenomen.”
Twee van hen werkten al in Eindhoven, een komt uit België, en er een kandidaat aangenomen vanuit Zwitserland. En er loopt nog een procedure met een kandidaat. “Met deze mensen kunnen we echt stappen vooruit maken. Zij gaan ons helpen om het groeiende aantal masterstudenten op te leiden.”
‘Bij Mechanical Engineering begrijpen ze: complexe energie-uitdagingen los je samen op’
Deen was voor zijn Power & Flow groep op zoek naar een universitair docent met een experimentele achtergrond in energiesystemen, gespecialiseerd in conversie en opslag van duurzame energie. Die vond hij in Jongmin Lee, een in Zuid-Korea geboren Canadees, momenteel werkzaam bij Empa Swiss Federal Laboratories for Materials Science and Technology in Zwitserland.
De sterke samenwerking binnen de faculteit Mechanical Engineering (ME) was voor Lee een belangrijke reden om te solliciteren bij de ϸ. “Ik zocht een omgeving waar onderwijs, onderzoek, onderwijs en industrie echt met elkaar verbonden zijn. Bij ME zag ik dat studenten, onderzoekers en externe partners als één geheel opereren. Dat is essentieel bij complexe energie-uitdagingen.”
Lee’s onderzoek richt zich op het begrijpen van de processen die plaatsvinden in energieconversiesystemen, zoals brandstofcellen, elektrolysers, batterijen en power-to-X-systemen. Daarbij heeft hij een bijzondere interesse in het toepassen van neutronen- en röntgentechnieken op deze systemen terwijl ze in werking zijn.
Het sollicitatieproces ervoer hij als intensief, maar waardevol. “Ik werd ondergedompeld in de omgeving en leerde mijn toekomstige collega’s en hun manier van denken al goed kennen. Daarnaast was er veel ruimte om mijn visie op onderzoek en onderwijs te bespreken met de commissie.”
Op 1 september start hij bij ϸ. Tot die tijd zijn Lee en zijn vrouw bezig met de verhuizing naar Nederland. “We krijgen daarbij veel praktische ondersteuning vanuit HRM, van woningzoektocht tot informatie over wijken,” zegt Lee. “We oriënteren ons nu op de huizenmarkt en starten in de zomer een gerichte zoektocht.”
“Ik ben opgegroeid in grote steden zoals Seoul en Toronto, terwijl mijn vrouw uit een rustige Zwitserse omgeving komt,” vertelt Lee. “Eindhoven voelt voor ons als de perfecte mix: de innovatieve Brainportregio, omgeven door natuur. We kijken ernaar uit om de stad en de omgeving te verkennen.”
Omdat zijn vrouw haar masteropleiding in Zwitserland afrondt, verhuist Lee eerst alleen. Hun driejarige zoon volgt later met zijn moeder.
Hij kijkt ernaar uit om te beginnen in de groep van Deen. “Wanneer je verschillende perspectieven samenbrengt, ontstaan de sterkste ideeën. Ik heb er zin in om met getalenteerde studenten en collega’s te werken aan oplossingen die echt bijdragen aan de energietransitie.”
Door goed naar elkaar te luisteren en elkaars expertise te gebruiken, krijg je het werkend. Dat zouden faculteiten en diensten meer moeten doen.
Hoogleraar Niels Deen
Voor Deen van Van Oudenaarden maakt hun intensieve samenwerking in de broad hire-campagne het verschil. “Zeker in de voorbereidende fase is het heel fijn als je maar met één persoon hoeft af te stemmen. De faculteit weet wat voor mensen ze nodig hebben, wij weten hoe je die mensen bereikt en begeleidt”, zegt Van Oudenaarden.
Deen knikt. “Het helpt enorm dat je één aanspreekpunt hebt. Iemand die weet hoe het proces werkt en met je meedenkt.”
Samen optrekken
Voor Deen zijn er ϸ-breed lessen te halen uit hun ervaringen: “Het zou goed zijn als faculteiten en diensten meer samen optrekken, zoals wij hier hebben gedaan. Door goed naar elkaar te luisteren en elkaars expertise te gebruiken, krijg je het werkend.”
Ook ondersteunend personeel
De groei van het aantal studenten vraagt om meer dan alleen extra wetenschappelijk personeel. “Je moet ook kijken naar de ondersteunende rollen”, zegt Deen.
Dat betekent dat er de komende tijd ook wordt gekeken naar uitbreiding van onderwijsondersteuning en technische ondersteuning. “Uiteindelijk doen we dit om meer studenten goed op te leiden. Dan moet het hele systeem meebewegen.”
Geschreven door
Over project Beethoven
Nederland speelt wereldwijd een leidende rol in deze sector, met de Brainportregio als innovatiemotor. Bedrijven zoals ASML, NXP en ProDrive behoren tot de absolute top binnen dit bloeiende ecosysteem.
Om die positie te versterken, lanceerde de overheid in 2024 het , gericht op groei van de sector en van Brainport Eindhoven.
De vraag naar talent is enorm: de komende jaren zijn tienduizenden extra mensen nodig, vooral in semicon. De ϸ speelt hierin een sleutelrol, met onderwijs én onderzoek binnen dit strategische domein. In het Casimir Instituut werken alle relevante disciplines samen aan de chips van nu en morgen.
De Beethoven activiteiten zijn mede mogelijk gemaakt door het Nationaal Versterkingsplan van Microchip-talent. In de Brainportregio bundelen ϸ, Fontys, Summa, Ter AA en Brainport Development onder de naam Talent voor Semicon hun krachten met overheid en bedrijfsleven. Samen leiden we tot en met 2030 duizenden nieuwe mensen op voor de microchipindustrie. Zo versterken we de internationale concurrentiepositie van Nederland en de Brainportregio als hightechregio.
Foto: Bart van Overbeeke
Video: Beethoven updates Stayϸned
Meer over onze strategie