Wat gebeurt er als onderzoekers niet langer concurreren om onderzoeksgeld?
Experiment in metawetenschap vervangt competitie door samenwerking bij het aanvragen van onderzoeksgeld.
ϸ-onderzoekers Sajedeh Rasti en Daniël Lakens experimenteerden met een nieuwe manier van subsidieaanvragen. Samen met onderzoekers van twaalf Nederlandse universiteiten stapten zij af van individuele competitie en kozen zij voor collectieve subsidieaanvragen. Ze ontwikkelden gezamenlijk hun voorstellen, gaven elkaar feedback en dienden twee aanvragen in bij NWO, die allebei werden gehonoreerd.
Voor PhD-student Sajedeh Rasti en hoogleraar Daniël Lakens van de Human Technology Interaction-groep (faculteit IE&IS) was het meer dan een experiment met subsidieaanvragen. Het was een poging om te onderzoeken of wetenschap ook anders georganiseerd kan worden: met minder competitie en meer samenwerking.
Rasti doet onderzoek naar coördinatie in de wetenschap. Hierbij stemmen onderzoekers samen af welke onderzoeksrichtingen prioriteit krijgen en wie welke taken op zich neemt. “Wat als wetenschappers niet met elkaar concurreren om onderzoeksgeld, maar samen bepalen welke ideeën het belangrijkst zijn?”
Toen er een call binnenkwam voor het aanvragen van onderzoeksgeld van NWO Open Science NL, zagen Rasti en Lakens dat als dé kans om haar onderzoek in de praktijk te brengen.
We vroegen de wetenschappers écht iets nieuws en dat was best spannend.
PhD-student Sajedeh Rasti
Ze deden een oproep binnen de Nederlandse gemeenschap van metawetenschappers om mee te denken. “We vroegen écht iets nieuws, en dat was best spannend”, zegt Rasti, “maar het hielp dat Daniël aan boord was, omdat veel mensen hem kennen en vertrouwen.”
Twintig onderzoekers van twaalf Nederlandse universiteiten sloten zich aan en vormden samen de Netherlands Metascience Coalition. De deelnemers aan de coalitie zijn volgens Rasti onderzoekers die zich verbonden voelen door eenzelfde vraag: hoe kan de wetenschap beter? Niet alleen in inhoud, maar ook in organisatie.
Het proces omdraaien
Hun aanpak draaide het gebruikelijke proces van subsidieaanvragen om. In plaats van dat ieder vanuit een eigen idee een aanvraag opstelde, begon de groep met gezamenlijke gesprekken over welke onderzoeksvragen het meest urgent waren.
“We bepaalden sámen het grote gedeelde doel. Daarbij namen we ieders inhoudelijke expertise en eigen manier van onderzoek doen mee om ons voorstel naar een hoger niveau te tillen”, zegt Rasti.
Twee aanvragen
Daarna volgde een keuze die het hele proces bepaalde: het voorstel werd niet centraal geschreven door één team, maar opgesplitst in twee groepen, elk met een eigen invalshoek.
Eén team onderzocht hoe onderzoekers zelf Open Science verder kunnen brengen, bijvoorbeeld met interventies en praktische hulpmiddelen die een open onderzoekscultuur ondersteunen. Het andere team keek naar hoe universiteiten en onderzoeksinstituten ervoor kunnen zorgen dat onderzoekers Open Science vaker kunnen toepassen.
Volgens Lakens vullen die twee benaderingen elkaar aan. “Als één voorstel geen subsidie had gekregen, had je nog steeds een deel van het geheel gehad. Maar samen vertellen ze een completer verhaal.”
Feedback van concurrent
In het schrijfproces werd bewust gekozen voor een werkwijze die in de academische wereld ongebruikelijk is. De twee teams gaven elkaar feedback op hun voorstellen.
“Je bent elkaars concurrent voor dezelfde subsidiepot, maar we hielpen elkaar om een beter voorstel te schrijven”, zegt Lakens. Hij noemt dat ‘georganiseerde scepsis’: een ingebouwd moment van kritische reflectie. “Dat gebeurt normaal alleen als iemand toevallig tijd heeft. Wij hebben het bewust in het proces opgenomen.”
Een deelnemer zei: ‘Dit is hoe ik hoopte dat de wetenschap zou zijn’.
PhD-student Sajedeh Rasti
Rasti: “Deelnemers gaven aan dat ze veel energie en plezier haalden uit het intensief samenwerken op deze manier. Iemand zei ‘Dit is wat ik hoopte hoe de wetenschap zou zijn’.
De onzichtbare rol van coördinatie
Binnen het project speelde Rasti een centrale rol. Ze organiseerde bijeenkomsten, bewaakte de planning en zorgde dat alle losse onderdelen uiteindelijk samenkwamen in één coherent geheel. Ze staat niet als aanvrager op de toegekende subsidies, terwijl haar werk cruciaal was voor het tot stand komen ervan.
“Je hebt iemand nodig die het proces coördineert”, zegt Lakens. “Maar die rol bestaat nauwelijks in hoe we succes meten in het huidige systeem. Dat zou anders gewaardeerd moeten worden.”
Tijd, druk en samenwerking in de praktijk
De samenwerking vroeg veel tijd en afstemming. De groep begon negen maanden voor de deadline, maar zelfs dat bleek krap. Onderzoekers moesten agenda’s op elkaar afstemmen, prioriteiten bepalen en ruimte maken in al volle schema’s. “Je moet iedereen tijd geven voor elke stap”, zegt Lakens. In de zomer werd dat extra lastig vanwege de vakantieperiode. “Je bent minder flexibel: je kunt niet even zelf op het strand met je laptop verder schrijven aan het voorstel.”
Dit laat zien hoe het ook kan, al is het niet de énige manier.
Hoogleraar Daniël Lakens
Dat onderzoekers op deze manier samenwerken in plaats van elkaar te beconcurreren, is zeldzaam, zegt Lakens. “In sommige wetenschapsvelden is het noodzakelijk om samen onderzoeksrichtingen te bepalen”, zegt hij. “Bij CERN bijvoorbeeld (het grootste onderzoekscentrum ter wereld voor deeltjesfysica, red.) werkt iedereen samen aan één enorme, dure machine. Daar heb je geen keuze: je moet samenwerken en samen bepalen wat je onderzoekt.”
Binnen de meeste wetenschappelijke disciplines ontbreekt zo’n dwingende reden, waardoor competitie eerder de norm is dan samenwerking.
Meer dan een subsidieaanvraag
Toch overheerst bij beiden de overtuiging dat deze manier van werken iets wezenlijks laat zien. “Het laat zien hoe het ook kan, al is het natuurlijk niet de énige manier”, zegt Lakens.
Daarbij doelt hij niet alleen op subsidieaanvragen, maar ook op hoe wetenschap georganiseerd kan worden. “Wij wilden iets doen dat goed is voor de wetenschap als geheel”, vult Rasti aan.
Twee keer bingo
Beide gecoördineerde aanvragen werden gehonoreerd door NWO. “Dat is best cool voor een nieuwe manier van werken”, zegt Lakens tevreden. Met de funding worden twee postdocs aangesteld en in september is de kick-off van de projecten.
“De vraag is of onze voorstellen beter waren dan de rest. Ja, we hebben de funding gekregen, maar gaan we daadwerkelijk betere resultaten opleveren? Dat zal moeten blijken, maar mensen zijn enthousiast”, zegt Lakens.
Als iedereen alleen voor zichzelf gaat, verandert er niets in de wetenschap.
Sajedeh Rasti
Rasti’s keuze om vooral te coördineren en verbinden, zonder zelf aanvrager te zijn, is een gedurfde voor een jonge onderzoeker in een systeem dat individuele prestaties zwaar beloont. “Je denkt natuurlijk ook aan je eigen carrière”, zegt ze. “Maar als iedereen alleen voor zichzelf gaat, verandert er niets.”
Wat haar drijft, is juist dat bredere perspectief: wetenschap beter organiseren, met minder competitie en meer samenwerking. “Over tien jaar werken we hopelijk in een beter systeem”, zegt ze. “Als dit daaraan bijdraagt, dan is dat het waard.”
Uit onze strategie: over open science
De ϸ zet in haar strategie in op open science en samenwerking over de grenzen van disciplines en instellingen heen. Open wetenschap betekent dat kennisontwikkeling transparanter, toegankelijker en gezamenlijker wordt georganiseerd. Door onderzoekers ruimte te geven om samen te werken aan gedeelde uitdagingen, ontstaat er meer verbinding tussen onderzoeksgroepen en worden inzichten sneller gedeeld en versterkt. Het doel is een academische cultuur waarin samenwerking en open uitwisseling van kennis vanzelfsprekend zijn.
Foto: Bart van Overbeeke
Geschreven door
Meer over onze strategie